De laatste waarnemingen zijn gedaan in 2017
De wandeling in PDF formaat.

Begin van de wandeling Jl Pejambon 3 (Hertogspark).

ILW Jakarta 9 Senen Kebon Sirih Jl Pejambon 3 Hertogspark

Het Hertogspark herinnert aan Bernhard van Saksen Weimar, die van 1849 tot 1851 Legercommandant was en er inderdaad als in een park woonde, want de brug van hier naar het terrein der Willemskerk is van vrij wat later datum. [Oud Batavia I, 445] 

Niet ver van het Koningsplein ligt een ander, zijn tegenhanger in aanzien en karakter, het idyllische Hertogspark vol schaduw, geur en groenigheid.
[De Wit – Java, 34-36] 


Jl Pejambon 3, Kamenterian Luar Negeri – Gedung Garuda.


Ga in noordoostelijke richting.
Links: nr. 83a Dharma Wanita Tingkat Pusat Unit Dep. Keunangan (o.a. Clubhuis Padvinders)

ILW Jakarta 9 Senen Kebon Sirih Clubhuis PadvindersILW Jakarta 9 Senen Kebon Sirih NIPVIn 1917 werd te Batavia de Nederlandsch-Indische Padvinders Vereeniging (N.I.P.V.) opgericht [Geïllustreerde Encyclopaedie van N-I, 1096]
Het aantal padvinders van de thans aangesloten twaalf afdeelingen der N.I.P.V. bedroeg in Juli 1919: 1350, waarvan 75 % Europeanen. Op de 139.000 Europeesche inwoners van Indië geeft dit een verhouding van 1 op 139. [Indië geïllustreerd weekblad-4, 292-298] 

[Augustus 1920] “Instructie van den groepleider aan padvinders bij het clubhuis in het Hertogspark Batavia”. [Indië geïllustreerd weekblad]- →

[1916] Zaterdag werd in hotel ‘de l’Europe’, te Utrecht, onder voorzitterschap van den oud-gouverneur-generaal van N.-I., J.B. v. Heutsz, een drukbezochte algemeene vergadering gehouden van afgevaardigden en leden van den Nederlandschen Padvinders-Bond en de Nederlandsche Padvinders-Organisatie. [Uit naam van de majesteit, 288-290] 


Rechts: Kamenterian Luar Negeri – Gedung Pancasila.
(Gebouw van de Volksraad, voordien de woning van de Legercommandant – 1829, Tromp).


Ga rechtsaf: Jl Abdul Rachman Saleh (Hospitaalweg).

Links: Een terrein waarop drie lichtgekleurde appartementencomplexen staan en vervolgens een kazernecomplex.
Dit gebied was tot na WO II militair terrein: o.a. het 10de Bataljon, tijdens de oorlog een bekend krijgsgevangenenkamp.


Rechts hoog gebouw; links: schuin-lopende scheiding tussen de twee kazerne complexen, die voormalige loop van de Kali Lio.

ILW Jakarta 9 Senen Kebon Sirih Kali LioVan Mossel dateert de eigenlijke beteekenis van het land Weltevreden. Hij begon met eene sloot te graven, de Kali Lio of Steenbakkerijsloot, uit de Groote Rivier naar de zoogenaamde noksloot langs den Grooten Zuiderweg. Daardoor werd zoowel de toegang per prauw naar zijn pasar vergemakkelijkt als de bouw van het groote huis op het schiereiland in de rivierbocht. In die Kali Lio werd anno 1767 de overtoom gebouwd, die nog heden onder de brug aan Hospitaalweg is te zien. [Oud Batavia I, 406] 
Bovendien zou men er een kampement maken en den benoodigden grond van den eigenaar koopen. Het is waar dat pas onlangs in 1794 Meester Cornelis, waar al lang troepen hadden gelegen, tot kampement was bestemd, maar Commissarissen-Generaal vonden Meester Cornelis thans minder geschikt, ook omdat de Gouverneur-Generaal er te ver van af woonde – Van Overstraten had een zwak voor het militaire. Aldus werd nu voor 10.000 Rds. het deel van Weltevreden benoorden de Kali Lio door het Gouvernement aangekocht. [Oud Batavia I, 410-411] 


Links: Mako Pasmar II. (Artilleriekazerne Afdeeling Houwitsers).
Ga met de weg mee naar links: Jl Kwini II (Nieuwe weg).
Ga rechtsaf: Jl Senen Raya (Senen).


Ga ter hoogte van links Jl Senen III, rechtsaf:

ILW Jakarta 9 Senen Kebon Sirih heerenhuisILW Jakarta 9 Senen Kebon Sirih Huis WeltevredenNaar het heerenhuis leidde van uit den tegenwoordigen tramweg langs Senèn eene breede en statige laan van geschoren tamarinde- en kanariboomen, wier begin (waar tegenwoordig de toegang is tot het kampement) door eene groote poort werd gevormd. Nog heden staan er enkele zware boomen van deze majestueuse allee. [Oud Batavia I, 406-407] 
... den plattegrond, [Oud Batavia I, 408] 
... langs den Grooten Zuiderweg werden officiershuizen gezet en bezijden de oprijlaan andere militaire gebouwen, zoodat de luister van het heerenhuis aanmerkelijk was getaand. [Oud Batavia I, 412-413] 


Links en rechts: Akademi Kebidanan (Subsistentenkader).

Bij het Subsistentenkader worden tijdelijk geplaatst de pas uit Europa gekomen, zoowel als de doortrekkenden militairen; daarbij zijn voorts administratief ingedeeld die militairen, welke niet tot een corps behooren, zoals het lagere personeel van den Topographischen Dienst. [Oud Batavia I, 387] 

Ik word overgeplaatst naar het Subsistentenkader, op Weltevreden, waar ik, na een kortstondig verblijf, ziek word en een poos lang met hevige koortsen – ik breng het tot 41°6 en denk nu en dan aan ‘kapitein Jas’ – in het militaire hospitaal kom te liggen. Van Weltevreden word ik geëvacueerd, eerst naar Batoe-Toelis, in de buurt van Buitenzorg, en vervolgens, naar Sindang-Laya, in het Bandoengse bergland.
[Cohen – In opstand, 73-74] 

Zoals ik reeds zeide, zijn er enkele uitzonderingen op den regel van ‘slechte voeding’ en verdient daarvoor zeker het Subsistenten-kader te Batavia allen lof. Het eten is dáár, of was het ten minste in den jaren 1882-1886, uitstekend te noemen, waardoor het scherpe contrast met andere garnizoenen des te meer in het oog valt, waar het eten bepaald ‘zeer slecht’ is.
[Cohen – Uiterst links, 60-63] 

Een andere historische anecdote is die van een soldaat, die van Semarang naar Batavia was overgeplaatst en zich daar moest melden bij het subsistenten-kader. De soldaat kwam nog al laat in de avond met zijn zwikje op de plaats van bestemming en meldde zich bij de sergeant-majoor, die hem peinzend aankeek en zei: “We weten van niks."
[Brandt – Demarcatielijn, 105-107] 


Recht vooruit: Rumah Sakit Gatot Subroto (Militair Hospitaal).


Ga linksaf en volg de weg naar rechts en daarna naar links: Jl Abdul Rachman Saleh (Hospitaalweg).
Links: 49, 50, 51.

ILW Jakarta 9 Senen Kebon Sirih HospitaalwegEn zij kwam tot de concluzie, dat zij een kleine plaats in het binnenland, met enkele beschaafde, gezellige, Europese elementen – zo zij harmonieerden en niet te veel kibbelden in hun nauwe samen-zijn – toch nog voortrok boven het pretentieuze, laatdunkende en sombere Batavia. Alleen in het militaire element was leven. Alleen de huizen van officieren waren des avonds verlicht. Verder doodste de stad weg, de gehele lange warme dag, met hare onzichtbare bevolking van naar de toekomst uitziende mensen: de toekomst van geld, de toekomst misschien meer nog van rust, in Europa.
[Couperus – De stille kracht, 226] 


Rechts: Museum Kebangkitan Nasional – Open: di-zo: 8.30-3 uur.
(Algemeene Middelbare School Afd. B.; 1e Gouvernements Muloschool. Voordien, tot 1920, School tot Opleiding van Inlandse Artsen: Stovia).

ILW Jakarta 9 Senen Kebon Sirih Indische artsenschoolMimi woont in een straat die uitkomt op wat vroeger de Oude Hospitaalweg heette, en daar keken we rechtstreeks uit op een langgerekt geelachtig gebouw, ja, dat was ‘onze’ P.H.S., de Prins Hendrikschool waar Suryati en ik elkaar hebben leren kennen. In het gebouw van de PHS is ook eens de STOVIA, de Indische artsenschool, gevestigd geweest.
[Ferguson – Nu wonen daar andere mensen, 64] 

Tot dokter wordt men – tenminste jongens – vrouwelijke leerlingen zijn er nooit geweest – geheel kosteIoos opgeleid. De studie voor dokter geschiedt geheel op ’s lands kosten. De leerlingen genieten vrije woning, eene maandelijksche subsidie, waarmede de kosten van voeding en kleeding bestreden worden, en vrije geneeskundige behandeling.
[Kartini – Door duisternis tot licht, 125] 

De best ontwikkelde Inlanders zijn de dokters djawa; langdurige studie en training gaan vooraf vóór ze hun diensten presteeren. Het is een sympathiek corps èn het zijn sympathieke menschen. Nu had ik een ouwe suffe civiel geneesheer en ik kreeg de toevoeging van een dr. djawa. Ik zag wat veel versche grafheuveltjes op mijn tournee, ging eens onderzoeken èn... ik schrok, er wàs cholera, – niet gerapporteerd.
[Gonggrijp – Brieven van Opheffer, 103] 

 

[Tijdens het laatste bezoek van de samensteller aan het ‘Museum van het Nationaal Bewustzijn’ was men bezig met een renovatie. Daardoor was niet mogelijk de rondleiding door het museum samen te stellen.
De betreffende informatie is verdeeld in een historisch gedeelte waarin o.a. de geschiedenis van de school en van de vereniging Boedi Oetomo aan de orde komen en een aantal teksten bij enkelen van de helden uit de geschiedenis van Indonesië.]

 

ILW Jakarta 9 Senen Kebon Sirih Dr C EykmanSpreker begon met een schets van het medisch onderwijs voor inlanders, zooals het zich van 1851 tot nu toe heeft ontwikkeld en ging daarbij na de in dit jaar opgerichte dokterdjawaschool met 13 leerlingen, waarvan het voornaamste doel was de opleiding van goede vaccinateurs, de reorganisatie van de school in 1864, in 1875, in 1902 en de laatste reorganisatie in 1914. [De Locomotief, 3 Februari 1917] 

←Tot directeur werd toen benoemd de latere Utrechtsche hoogleeraar Dr. C. Eykman. [...]
Geneeskundig onderwijs werd te Weltevreden het eerst gegeven aan de zgn. dokters djawa, en wel sedert 1851 in het Militair Hospitaal door militaire leerkrachten (officieren van gezondheid), oorspronkelijk in het Maleisch. Was deze oorspronkelijke opleiding slechts ingesteld op het afleveren van vaccinateurs, al spoedig bleek dat de afgeleverde personen als regel zelfstandig de geheele geneeskundige practijk moesten uitoefenen als gevolg van het bestaande gebrek aan geneeskundigen. [Indië, geïllustreerd weekblad, 7, 69] 

 

ILW Jakarta 9 Senen Kebon Sirih Dr HF RollIn 1896 werd Dr. Eykman opgevolgd door Dr. H.F. Roll [←], van wien de belangrijke reorganisatie-voorstellen van Mei 1898 afkomstig zijn, die door de Regeering en het Opperbestuur onveranderd overgenomen, leidden tot: 1. Verbouwing en vergrooting der bestaande inrichting in het Militair Hospitaal, waardoor reeds dadelijk het aantal leerlingen kon worden opgevoerd tot 150. 2. Bouw van een nieuwe school, waarvoor een geschikt terrein werd gevonden aan den Hospitaalweg. De nieuwe inrichting, die aan 200 leerlingen ruime huisvesting kon verleenen, werd op 1 Maart 1902 feestelijk geopend. [Indië geïllustreerd weekblad-7, 70] 

De Javabode verneemt uit Den Haag dat het verlof verleend aan den heer A.F. Roll, directeur van de School tot opleiding van Inlandsche artsen, met een half jaar is verlengd. De heer Roll keert waarschijnlijk wegens gezondheidsredenen niet terug hetgeen een groot verlies voor de school zou zijn. [De Locomotief 17 September 1910] 

(Aneta) Het persagentschap kan met besliste zekerheid mededeelen, dat de overste-dokter Koch dezer dagen zal worden benoemd tot directeur van de S.T.O.V.I.A. [De Locomotief, 14 Mei 1917] 

 

ILW Jakarta 9 Senen Kebon Sirih schoolILW Jakarta 9 Senen Kebon Sirih Inlandsche artsenHet gebouw werd volgens een plan van de Genie opgericht met behulp van een vorstelijke financiëele bijdrage (f 178 000) van de Heeren P.W. Janssen, J. Nienhuys en H.C. Van den Honert. De stichting had plaats ‘ter herinnering aan de inhuldiging van Koningin Wilhelmina en tot heil der bevolking van Nederl.-Indië’. De jonge leerlingen werden op gemeenschappelijke, ruime slaapzalen vereenigd, de oudere kregen aparte kamertjes. De controle werd uitgeoefend door twee Europeesche suppoosten, terwijl een inwonend assistent-leeraar de leerlingen bij hun studie behulpzaam kon zijn en de medische verzorging op zich nam. [Indië, geïllustreerd weekblad, 7, 70-72] 

 

 


Raden Adjeng Kartini (1879-1904).


Ernest Douwes Dekker / Dr. Danudirja Setiabudi (1879-1950)
.


Haji Umar Said Cokroaminoto (1883-1934).


Haji Agus Salim (1884-1954).


Raden Dewi Sartika (1884-1947).

ILW Jakarta 9 Senen Kebon Sirih Raden Dewi SartikaGeen schoolkennis alleen wilde zij daar onderwijzen, neen, meisjes moesten worden uitgerust met al die kundigheden, welke haar te pas konden komen in haar huwelijk, welke haar in staat zouden stellen betere huismoeders te zijn. De resultaten van dit – eerst zeer bescheiden – pogen waren zóó gunstig, dat de school weldra een groote vermaardheid kreeg; niet alleen in Bandoeng en de Preanger, maar ook ver daar buiten. [Indië, geïllustreerd weekblad, 6, 511-514] 

Als voorbeeld kan strekken de reeds sedert 1903 bestaande Raden Dewi-School te Bandoeng en de onlangs door den Regent en de Raden-Ajoe te Tegal opgerichte huishoudschool. [Nederlandsch Indië – Oud & Nieuw-1, 309-310] 

←Te Bandoeng werd de Zilveren Ster van Verdienste uitgereikt aan Raden Dewi Sartika, hoofd van de Sekolah Kaoetamaän Istri. [Het Indische Leven, 4-14, 271] 


Cipto Mangunkusumo (1886-1943).


Dr. Sutomo (1888-1938).


Ki Hajar Dewantara (1889-1959).


Dr. Mohammad Hatta (1902-1980).


Ga bij het verlaten van het museum rechtsaf en volg de Jl Abdul Rachman Saleh (Hospitaalweg).
Steek de Jl Prapatan over en ook de Jl Kwitang.


Links: GKI: Gereja Kristen Indonesia Kwitang. (Gereformeerde Kerk Kwitang – 1925 verbouwd, Wiemans-Abel-Pichel).


Steek weer over en ga linksaf Jl Prapatan (Parapattan).

De Jl Kwitang en Jl Prapatan zijn beide – zoals zo veel straten – genoemd naar kampongs die respectievelijk ten zuiden en noordwestelijk van deze wegen lagen.


Rechts: 26 (Paul Krugerschool I).

ILW Jakarta 9 Senen Kebon Sirih Paul Krugerschool I[...] maar wel werd op 1 juli 1903 een Christelijke Europese school in gebruik genomen in een verbouwd woonhuis tegenover de kerk aan Parapattan. De nieuwe school werd genoemd naar de door Wijers zo hoog vereerde [streng gereformeerde] Paul Kruger, die door de “Britse luipaard” zo gemeen was behandeld. Op de openingsdag hield de praeses van de kerkeraad (de school ging uit van de Kwitangkerk) een geestdriftige rede, waarin Paul Kruger vooral aan zijn trekken kwam. Ieder die een rijksdaalder wilde storten, mocht mee het telegram aan de oude balling tekenen. Aan het slot van zijn rede, die in haar geheel in een feestnummer van “De Getuige” werd opgenomen, verrichtte hij de officiële opening met de woorden, die ik weergeef zoals ik ze vond. IN DE NAAM VAN HEM DIE IS EN DIE WAS EN DIE KOMEN ZAL OP DE WOLKEN DES HEMELS HEM DIE DAAR RIJDT OP HET WITTE PEERD OVERWINNENDE EN OPDAT HIJ OVERWON VERKLAAR IK DE PAUL–KRUGER –SCHOOL TE BATAVIA GEOPEND. [Gereformeerde Kerken, 72-73] 


Links

ILW Jakarta 9 Senen Kebon Sirih electrische klokDonderdag, 16 maart [1944]
De berichten over de ongeregeldheden in het gebied van Tasikmalaja zijn ook tot de hoofdstad doorgedrongen en hebben daar – volgens berichten van reizigers – onder de bevolking opzien gebaard. Enige nachten geleden plakten onbekende Indonesiërs de volgende leuze op de ruiten van de electrische klok tegenover Toko Delice op Parapattan: 'Nippon mesti mati, kita lapar!', (Nippon moet dood. Wij lijden honger!). Hoewel de opruiende affiches natuurlijk direkt door de Kenpeitai werden verwijderd, zijn zij toch door velen gelezen.
[Bouwer – Het vermoorde land, 243] 


Rechts: 40 – Militer: Korps Marinir (Commandant der Zeemacht en Hoofd van het Dept. der Marine, Vice-Admiraal C. Helfrich.)


Ga de brug over de Kali Ciliwung over.

ILW Jakarta 9 Senen Kebon Sirih Kali CiliwungWat is er reeds lang veranderd en wat is bezig te veranderen? Er zijn nieuwe, dure hotels aan het oude Molenvliet verrezen en bij de Berlagebrug op Kwitang wonen bedelaars als holbewoners. Er zijn onofficiële asylen in loods A van Pasar Senen, onder de bruggen van Tanah Abang en in de voorgalerij van de Harmonie.
[Robinson – Piekerans van een straatslijper, 21-22] 

Alzoo werd Vinck in 1735 Landdrost. Hetzelfde jaar kreeg hij van de Regeering vergunning om pasars aan te leggen op zijne landen Tanahabang en Weltevreden, en deze met elkaar te verbinden door een weg en eene brug over de kali, namelijk den tegenwoordigen weg Kampong Lima [Jl Wahid Hasyim], de Parapatanbrug en den weg van hier tot de Kramatbrug, waar hij den Grooten Zuiderweg bereikte (Goenoengsari, Pasar Senen, Kramat enz.). Vandaar dat Pasar Senen later wel de Vinkepasser heet. [Oud Batavia I, 405-406] 

Een weg waarvan het jaartal vaststaat, is nog die van Tanahabang door Kamponglima over de Parapatanbrug naar Senèn, die in 1735 samen met die brug en de beide pasar’s aan zijne uiteinden werd ontworpen door Justinus Vinck, wiens naam daaraan echter nooit verbonden is gebleven. [...] De Parapatanbrug schijnt in 1818 de “brug van Panjerang” te heeten. De kampong Parapatan namelijk heette ook Pangarangan of Pangeragan of Pangarengan. [Oud Batavia I, 444] 


Links: Standbeeld.


Steek de Jl Ridwan Rais over (Parapatan Gambir).
Ga rechtdoor: Jl Kebon Sirih (Kebon Sirih).


Rechts: (Het is moeilijk aan te geven waar het oude nr. 24 heeft gelegen).


Rechts: no. 40 (Flatgebouw van de Nederlandse Ambassade (1956). Voordien Algemeen Secretaris van het Gouvernement van Nederlandsch-Indië.)

ILW Jakarta 9 Senen Kebon Sirih Nederlandse AmbassadeHoe zijn die ontboezemingen van Dee erin terechtgekomen? Zaten ze tussen de papieren uit het huis van mevrouw Mijers, die Non lukraak heeft verzameld en meegenomen toen ze weg moest? Ik kan niet geloven dat Non die bewaard zou hebben als zij gelezen had wat Dee schreef. Maar misschien las zij het wel, en heeft zij de bedoeling gehad mij Dees verraad (want zo voelde ik het toen) te laten ontdekken wanneer ik ooit de kist in mijn bezit zou krijgen. In 1952 was het me niet mogelijk het zware meubelstuk zelf mee te nemen naar Nederland. Ik liet het bij Non achter, ingepakt voor verzending per schip.
Nooit ben ik erin geslaagd te achterhalen aan welk toeval of misverstand het te danken is geweest dat die kist na jaren van verbroken postverbindingen met Nederland (hij bleek ook een tijdlang als zoek geraakt beschouwd te zijn) tenslotte in 1963 terecht kwam bij de toen herstelde Nederlandse vertegenwoordiging in Jakarta. Vandaar is hij me toen toegestuurd. Heeft iemand hem ooit uitgepakt en geopend? De sleutel zat, in een zakje, vastgenaaid aan de omhulling van jute.
[Haasse – Sleuteloog, 130-131] 


Rechts: no. 46 (Eind jaren dertig was hier Uitgeversmaatschappij Noordhoff-Kolff gevestigd.)

ILW Jakarta 9 Senen Kebon Sirih Uitgeversmaatschappij Noordhoff KolffEen dag vol emoties. De huiszoeking in de mess op nr. 46 was vanmorgen in alle vroegte begonnen. Toen ik er langs fietste zaten alle bewoners in pijama's en badjassen voor de deur en meer dan 30 armen wuifden de hoogte in. [...] De menschen mochten niet in de keuken en lieten in de tuin eten van Thay Thong [Laan Holle 15, Restaurant Tay Tong] komen. Er werd gezocht naar wapens. Zakmessen werden meegenomen, maar keukenmessen niet aangeraakt. Veel brieven werden meegenomen. Omdat iedereen vooruit gewaarschuwd was ten slotte niets compromitteerends, in hoofdzaak oude familiebrieven en foto's, die nu door Indonesische jongens 'onderzocht' zullen worden en natuurlijk nooit teruggegeven. Het duurde tot 5 uur 's middags voordat alles klaar was.
[Jansen – In deze halve gevangenis, 126] 


Ga terug en rechtsaf: Jl Jaksa (Gang Djaksa)

ILW Jakarta 9 Senen Kebon Sirih Gang DjaksaToen ik de Jalan Jaksa betrad dankte ik de hemel hier niet te zijn terechtgekomen voor mijn eerste onderdak. Een smalle straat met aan weerszijden een diepe goot waarover blokken cement waren gelegd, hetgeen moest dienen als trottoir voor de voetganger. Maar tussen de blokken gaapten hiaten waardoor je drabbig stilstaand water zag met allerlei eng vuil erin, en in het cement zelf zaten ook grote en kleine gaten, het was erg voorzichtig lopen.
[Ferguson – Nu wonen daar andere mensen, 34] 

Als Amat ’s avonds op het trottoir wandelend plotseling in een openstaand riool dondert (elk ander woord is per sé misplaatst), kruipt hij kreunend weer op God’s eigen straat en prevelt enkele koranspreuken tot dank voor het genadig behoud van zijn botten.
[Robinson – Piekerans van een straatslijper, 41-43] 
De Djakartase straat is werkelijkheidsfilosofie in beeld: opbouw en afbraak broederlijk naast elkaar, het nieuwe leven naast de stoffelijke overschotten van het oude.
[Robinson – Piekerans van een straatslijper, 43-44] 


Ga linksaf: Jl Wahid Hasyim (Oude Tamarindelaan)

ILW Jakarta 9 Senen Kebon Sirih Oude TamarindelaanDr. C. Snouck Hurgronje: Als kenner van den Islam heeft hij wereldberoemdheid en met den Duitscher Goldziher is hij de grondlegger van de moderne Islamwetenschap. Hij werd in 1927 hoogleeraar te Leiden, waar hij thans nog woont. Ik heb hem gekend en bezocht toen hij hier in het begin van Kampong Lima ( thans Oude Tamarindelaan) een klein huis had betrokken.
[Ido – Indië in den goeden ouden tijd II, 171-172] 

Alzoo werd Vinck in 1735 Landdrost. Hetzelfde jaar kreeg hij van de Regeering vergunning om pasars aan te leggen op zijne landen Tanahabang en Weltevreden, en deze met elkaar te verbinden door een weg en eene brug over de kali, namelijk den tegenwoordigen weg Kampong Lima [Jl Wahid Hasyim], de Parapatanbrug en den weg van hier tot de Kramatbrug, waar hij den Grooten Zuiderweg bereikte (Goenoengsari, Pasar Senen, Kramat enz.). [Oud Batavia I, 405-406] 


Kruispunt Jl Cokroaminoto, Jl Wahid Hasyim en Jl Johar (Javaweg, Oude Tamarindelaan en Djoharlaan).

Ik zag laatst om een uur of twee een loodzware handkar vol bamboes’s tot staan komen bij het knooppunt van Javaweg, Oude Tamarindelaan en Djoharlaan. In de schaduw van de sengons was geen plaats meer. Dus stonden ze in de smeulende zon. De twee kerels dropen van zweet en één ging op zoek naar een billijke hap eten en een koele dronk .Het geluk scheen op hen te hebben zitten wachten: een waroenghoudster had een halve bakoel rijst van de vorige avond over, basi al, maar voor de twee magere scharminkels van de bamboekar was dit een portie manna uit de hemel. De rijst werd op twee pisangblaren onder de kar uitgestort en maakte daar een torentje van een paar handbreedten hoog. De eters zetten zich tegenover elkaar aan dit torentje neer met een oud en gebutst Bug-a-boo-blik met drinkwater en begonnen dan te eten. Niet schrokkerig of onmatig, maar met bedaarde, zorgvuldige ‘soeaps’ in één ruk door tot de bladeren schoon waren. Ja juist, rijst met rijst en nul couverts. Met het laatste restje water werden de vingertoppen gewassen, de bladeren werden weggeworpen en voldaan en verzadigd strekten de heren zich in hun volle lengte onder de kar uit, schoven de kopiah over de ogen, en vielen in slaap.
[Robinson – Piekerans van een straatslijper, 46-47] 


Ga rechtdoor: Jl Johar (Djoharlaan).
Ga rechtsaf: Jl Kemiri (Kenarilaan).
Links: 13 (Hier was vóór WO II het Secretariaat van het Java-Instituut gevestigd.)